Er komt een vrouw bij de dokter. Ze klaagt dat haar man niet meer met haar vrijt. “Dan moet u uw man eens meenemen naar het spreekuur,” zegt de dokter. De volgende dag komt de vrouw terug met haar man. De dokter zegt tegen de vrouw: “Kleedt u zich maar uit en gaat u maar op de tafel liggen.” Daarna geeft de dokter de vrouw een stevige beurt. Hierop zegt de dokter tegen de man: “Heb je ‘t nu gezien? Zo moet dat dus, en dat driemaal per week.” Zegt de man: “Moet ik dan elke keer meekomen?”
Er komt een vrouw bij de dokter. Ze zegt, al winden latend: “Dokter, pfrt, ik heb toch zo’n last, pfrt, pfrt, van winderigheid. En het vreemde is, pfrt, pfrt: ze ruiken niet!” De dokter zegt: “Kleedt u zich maar even uit en gaat u daar maar even liggen.” De vrouw kleedt zich uit, pfrt, pfrt, en gaat liggen. De dokter onderzoekt haar, pfrt, pfrt. Als de dokter klaar is met zijn onderzoek, mag ze zich weer aankleden, en dan vraagt de vrouw bezorgd: “En dokter, moet ik geopereerd worden?” “Ja,” zegt de dokter. “Aan m’n kont?” vraagt de vrouw. “Nee,” zegt de dokter, “aan uw neus.”
Er komt een lilliputtervrouwtje bij de dokter. Ze klaagt: “O dokter, ik heb toch zo’n last van mijn kruisje als het regent.” “Tja,” zegt de dokter, “vandaag is het mooi weer, dus nu heeft u zeker geen last?” “Nee, vandaag niet,” zegt het vrouwtje. “Nou,” zegt de dokter, “komt u dan terug als het regent.” Een paar dagen later komt het vrouwtje terug als het regent. “En?” vraagt de dokter: “Hebt u vandaag wel last?” “Ja, vandaag wel,” zegt het vrouwtje. “Gaat u dan maar even achter het scherm staan,” zegt de dokter. Als het vrouwtje en de dokter achter het scherm zijn verdwenen, hoort de assistente de dokter vragen: “Mag ik even een schaar alstublieft?” De assistente gaat de schaar brengen. Even later komen de dokter en het vrouwtje weer achter het scherm vandaan. “Loopt u nu eens even rond,” zegt de dokter tegen het vrouwtje, “heeft u nu nog last?” “Nee,” zegt het vrouwtje, “dank u dokter, het is helemaal over.” Hierop vertrekt het vrouwtje. Ondertussen is de assistente bloednieuwsgierig geworden en vraagt: “Dokter, wat heeft u nu eigenlijk gedaan?” “Gewoon,” zegt de dokter, “tien centimeter van d’r kaplaarsjes afgeknipt.”
Een man is pas geopereerd aan zijn mond. Hij vergaat van de dorst. Tussen zijn tanden door roept hij de zuster: “Zuster, zuster, ik heb zo’n dorst.” “U bent net aan uw mond geopereerd”, zegt de zuster, “u mag niets drinken.” “Ja maar, zuster, ik heb zo’n dorst.” De zuster vertelt het probleem aan de hoofdzuster, en die zegt: “Dien het vocht dan anaal toe, met een trechtertje.” Dus de zuster gaat terug naar de patient en vraagt of hij koffie of thee wil. “Thee”, zegt de man. Hij draait zich op z’n buik, zijn broek gaat naar beneden, en het trechtertje tussen zijn billen. Net als de zuster de thee naar binnen wil gieten, laat de man een enorme scheet. “Wat doet u nu?” vraagt de zuster. Zegt de man: “Mag ik niet blazen als het heet is?”
Er komt een vrouw bij de dokter. Ze zegt: “Ik heb nu twaalf kinderen; ik vind het meer dan welletjes. Mijn man weet nog steeds van geen ophouden. Maar hoe voorkom ik nu dat ik weer zwanger raak?” Zegt de dokter: “Heel eenvoudig, u doet gewoon tien diepe kniebuigingen.” “Zo simpel?” zegt de vrouw; “en is dat voor of na het vrijen?” Zegt de dokter: “In plaats van.”
Er komt een vrouw met kiespijn bij de tandarts. Als de tandarts de kies getrokken heeft, zegt de vrouw: “Ja, het spijt me tandarts, maar ik heb geen geld bij me. Kan ik misschien in natura betalen?” “Nou, vooruit dan maar,” zegt de tandarts, “kleedt u zich maar uit achter het gordijn, dan kom ik straks wel bij u.” Na tien minuten komt de tandarts achter het gordijn kijken, ligt daar die daar vrouw naakt, helemaal onder de zwarte vlekken. Vraagt de tandarts: “Wat moet dat voorstellen?” “Ja,” zegt de vrouw, “ik heb vanmorgen de rekening bij de kolenboer betaald.”
Een vrouw merkt dat haar buik dikker wordt. Ze is er niet gerust op en gaat naar de dokter. Als hij haar onderzocht heeft, zegt de dokter dat ze zich geen zorgen hoeft te maken. “Mevrouwtje,” zegt hij, “het is een ophoping van gas in uw buik. Dat gaat vanzelf weer over.” Maar de buik van de vrouw wordt alleen maar dikker, en ze gaat weer naar de dokter. “Nee mevrouw, u bent niet zwanger,” zegt de dokter: “het is echt alleen maar lucht, alleen maar lucht.” Gerustgesteld gaat de vrouw naar huis, maar de kwaal gaat niet over: haar buik wordt steeds dikker. Ook bij het derde bezoek aan de dokter krijgt zij te horen: “Mevrouwtje, het is alleen maar lucht, alleen maar lucht.” Hierna krijgt de dokter de vrouw niet meer op bezoek. Als de dokter enkele maanden later door een drukke winkelstraat loopt, ziet hij ineens de vrouw achter een kinderwagen lopen. Hij loopt naar de vrouw toe, kijkt in de kinderwagen en ziet een tweeling liggen. Dan vraagt de dokter aan de vrouw: “Wat is dat nou?” “O gewoon”, zegt de vrouw, “twee scheten met een pet op.”