Een man komt met zijn hond bij de dierenarts. “Volgens mij is mijn hond dood.” “Leg hem maar even op de behandeltafel.” Als de hond er ligt doet de dierenarts een luikje open waar een kat uit komt. De kat springt op de behandeltafel, rent over de hond en verdwijnt weer achter het luikje. De hond reageert niet. “Inderdaad, uw hond is dood.” “Dank u, dierenarts, het is helaas niet anders, wat kost dit consult?” “895 euro.” “Hè? Waarom is dat zo duur?” “5 euro bureaukosten en 890 euro voor de cat-scan.”
Een Nederlander vraagt aan een Belg die net terug is van safari: “Wat voor beesten heb je allemaal gezien?” Belg: “Apen, tijgers en leeuwen, dangeroes…” Nederlander: “Dangerous, bedoel je geen kangoeroes?” Belg: “Nee, dangerous. Er stonden overal bordjes: Dangerous, Dangerous.”
Twee honden liepen over straat. Plotseling bleef de ene staan kijken naar een parkeermeter.
“Moet je nu eens kijken,” zei hij tegen de andere, “een betaal-toilet!”
Ik ken een vriend die heet Jaap, en Jaap die heeft een olifant als huisdier. Een paar dagen later komt hij geld tekort om dat beest nog te onderhouden dus hij moet een idee bedenken om geld te verdienen, hij denkt aan het circus waar de olifanten op een krukje staan en dan met een poot de lucht in gaat, twee poten, maar nooit met vier poten. Dus hij zet zijn olifant naast zijn voordeur met een bordje: ‘Wie mijn olifant met vier poten de lucht in krijgt, krijgt van mij 1000 gulden, 100 gulden inleg.’ Alle mensen van zijn wijk reageren erop en leggen 100 gulden in een potje en proberen het uit maar niemand lukt het.
Op een dag komt er een heel klein kereltje van een jaar of 10 naar Jaap toelopen en vraagt of hij het mag proberen, hij mag het proberen en pakt een golfstick, gaat achter de olifant staat en slaat met die stik tegen z’n ballen aan en ja hoor, die olifant gaat met vier poten de lucht in en krijgt 1000 gulden.
Twee maanden later krijgt Jaap weer financiële problemen en denkt weer aan het circus, olifanten knikken altijd ja maar nooit nee. Weer een bordje in de tuin met: ‘Wie mijn olifant nee kan laten knikken krijgt 1000 gulden, 100 gulden inleg.’ Weer een heleboel mensen en weer dat jongetje die vraagt of hij het mag proberen, ja hoor je mag het proberen. Hij gaat voor de olifant staan een vraagt aan de olifant of hij hem nog kent. ‘Ja’, knikt de olifant. Waarop het jongetje vraagt: ‘Moet ik het nog een keertje doen?’ De olifant knikt heel uitdrukkelijk: ‘NEEEEEEEE!!!!’
Prachtige papegaai, maar waarom heeft hij aan iedere poot een kettinkje hangen?
Als ik aan het linker kettinkje trek, zegt hij Goedemorgen . Als ik aan het rechter kettinkje trek, zegt hij Goedenacht .
En als je aan beide trekt?
Dan valt-ie op zijn bek
Er was eens een magische kikker in een heel groot magisch bos. Nou was er iets bijzonders aan die magische kikker. Hij had nog nooit andere dieren gezien in het grote magische bos. Nu wou het toeval dat er een konijn langs kwam huppelen, die achterna gezeten werd door een beer, om tot diens avondeten te dienen. De magische kikker wenkte naar het konijn en de beer dat ze moesten komen. De magische kikker sprak:’Omdat jullie de enige dieren zijn die ik ooit ben tegengekomen, mogen jullie beiden drie wensen doen.’ De beer mocht als eerste wensen en hij wenste dat alle beren in het hele bos, behalve hijzelf, vrouwtjes werden. Toen was het konijn aan de beurt en hij wenste een motorhelm. De beer kwam weer.Hij wenste nu:’Ik wil dat alle vrouwtjes in het bos hiernaast, behalve ikzelf, ook vrouwtjes worden.’En het konijn was weer aan de beurt. Dit keer wenste hij een motorfiets. De beer dacht in zichzelf:’Wat een dom konijn. Hij had net zo goed geld kunnen wensen om die motorfiets te kopen!’. En de beer was nu zelf aan de beurt. Ditmaal wenste hij dat alle beren in de hele wereld, behalve hijzelf, vrouwtjes werden. En ook die wens kwam uit. Nu was de laatste wens voor het konijn. ‘Ik wens dat de beer die hier naast mij staat, homo wordt…..’ En hij scheurt weg.
Een eend wandelt een pub binnen en bestelt een bier en een tosti. De barman zegt: ‘Wacht eens even, jij bent een eend.’ ‘Ik zie dat er niets aan je ogen mankeert,’ antwoordt de eend. ‘En je kunt spreken,’ roept de barman. ‘Je oren zijn ook in orde, nou als je het niet erg vindt, kan ik alsjeblieft mijn bier en mijn tosti krijgen?’
‘Jazeker, sorry hoor,’ zegt de barman, terwijl hij het pilsje tapt. ‘Weet u, we krijgen niet zoveel eenden in deze pub, wat brengt u zo al hier?’ ‘Ik ben werkzaam in het gebouw aan de overkant,’ verteld de eend. ‘Ik ben metselaar.’ De verbouwereerde barman wil nog meer vragen maar beheerst zich als de eend een krant tevoorschijn haalt en deze begint te lezen. Na een poosje wenst hij de barman een goeie dag en vertrekt weer.
Dit gaat twee weken zo. Dan op een dag komt er een circus in de stad. De circusdirecteur komt in de pub voor een biertje en de barman vraagt: ‘U bent toch van het circus, is het niet? Wel, ik ken een eend, die werkelijk prima in uw circus zou passen. Hij praat, drinkt bier, eet sandwiches, leest de krant enz.’ ‘Klinkt geweldig,’ zegt de circusdirecteur, terwijl hij zijn visitekaartje aan de barman geeft. ‘Laat ie me maar even bellen.’
Dus de volgende dag, als de eend de pub binnenkomt zegt de barman: ‘Hey meneer de eend, ik kan u aan een geweldige baan helpen, en het betaalt ook heel goed.’ ‘Wat is het voor werk?’ vraagt de eend. ‘Bij het circus,’ zegt de barman. ‘Bedoel je met zo’n grote tent?’ ‘Precies,’ zegt de barman. ‘Met al die dieren die in kooien leven en artiesten die in caravans wonen?’ vraagt de eend. ‘Ja juist,’ zegt de barman. ‘En die tent heeft canvas muren en een groot canvas dak met zo’n gat in het midden?’ ‘Dat klopt,’ zegt de barman. De eend schudt teleurgesteld zijn hoofd en zegt: ‘Wat moeten die gasten nou in hemelsnaam met een metselaar?